Duiding


Commerciële vermageringsprogramma’s


28 02 2013

Zorgberoepen

Duiding van
Jolly K, Lewis A, Beach J, et al. Comparison of range of commercial or primary care led weight reduction programmes with minimal intervention control for weight loss in obesity: lighten Up randomised controlled trial. BMJ 2011;343:d6500.


Besluit
Deze studie toont aan dat bepaalde commerciële vermageringsprogramma’s zoals Weight Watchers (gebaseerd op groepssessies en gericht op gedragsverandering inzake hypocalorisch evenwichtig dieet, lichaamsbeweging en motivatie) effectief zijn. Het blijft echter onduidelijk wat hun plaats is ten opzichte van een even intensief niet-commercieel programma vanuit de eerste lijn, een intensieve begeleiding door de huisarts of een intensieve begeleiding door een diëtist.



 

 

Enige tijd geleden werd in Minerva een studie besproken waarin werd aangetoond dat een commercieel vermageringsprogramma (‘Weight Watchers’) meer effect heeft dan een beperkt programma via zelfhulp. We merkten evenwel op dat er geen vergelijking gebeurde met een actieve behandeling en follow-up in de huisartspraktijk (1,2).

In een onafhankelijk gefinancierde RCT in Groot-Brittanië (3) randomiseerde men 740 obese patiënten (gemiddelde BMI 33) uit de eerste lijn over acht studie-armen: drie commerciële groepsgebaseerde vermageringsprogramma’s (waaronder weight watchers), drie vermageringsprogramma’s vanuit de eerste lijn (6 groepssessies bij een diëtist of 12 individuele sessies bij een verpleegkundige in de huisartspraktijk of bij een apotheker), een groep die vrij één van deze zes programma’s mocht kiezen en een controlegroep. Alle vermageringsprogramma’s duurden twaalf weken. Verpleegkundigen en apothekers die individuele sessies gaven werden vooraf opgeleid om patiënten met obesitas te begeleiden. De controlegroep kreeg twaalf maal vrije toegang tot een lokaal fitnesscentrum zonder enige vorm van begeleiding.

Na 12 weken (=primaire uitkomstmaat) zag men in alle groepen een statistisch significant gewichtsverlies (gemiddeld -1,4 kg (95% BI -0,4 tot -2,3) in de groep begeleid door een verpleegkundige in de huisartspraktijk tot -4,4 kg (95% BI -3,6 tot -5,3) in de Weight Watchers groep). Versus de controlegroep was er na 12 weken alleen voor de commerciële vermageringsprogramma’s statistisch significant meer gewichtsdaling (gemiddeld -2,3 kg (95% BI -1,3 tot -3,4)) en na één jaar follow-up (=secundaire uitkomstmaat) alleen voor de Weight Watchers groep (-2,5 kg (95% BI -0,8 tot -4,2). Op basis van deze effectiviteitscijfers en een kostenanalyse besluiten de auteurs dat commerciële groepsgebaseerde vermageringsprogramma’s effectiever en goedkoper zijn dan programma’s via de eerste lijn.

Deze conclusie is echter kort door de bocht aangezien de studie onvoldoende power had om de verschillende behandelopties onderling te vergelijken. De auteurs leggen de nadruk op de winst in de Weight Watchers groep alhoewel we deze winst als klinisch matig relevant kunnen beschouwen. Zo had slechts 30% van de patiënten in de Weight Watchers groep de aanbevolen doelstelling van 5% gewichtsverlies (4) na één jaar follow-up bereikt. Vraag is ook of we de resultaten kunnen extrapoleren naar de globale eerstelijnspopulatie aangezien slechts 11,5% van de personen die per post vanuit de huisartspraktijk waren uitgenodigd deelnamen aan de studie.

In een editoriaal dat aansluit bij de studie (5) stelt men zich ook vragen bij de vastgestelde kostenbesparing van commerciële vermageringsprogramma’s ten opzichte van eerste lijn gestuurde programma’s. De kostenanalyse bracht onder andere niet in rekening dat commerciële organisaties vaak inkomsten halen uit nevenactiviteiten zoals bijvoorbeeld het label ‘Weight Watchers’ op bepaalde voeding. Ook zou men ermee rekening moeten houden dat commerciële vermageringsprogramma’s intensiever zijn (niet alleen in tijdsinvestering maar ook in ondersteuningstools zoals internet, magazines, persoonlijke telefonische coaching) en kunnen beschikken over een beter opgeleide staf dan individuele eerstelijnspakketten geleid door verpleegkundigen en apothekers. Bestaat hierin misschien een taak voor de eerste lijn om gelijkaardige intensieve niet-commerciële groepsprogramma’s aan te bieden met begeleiding door deskundigen?

 

Besluit van Minerva

Deze studie toont aan dat bepaalde commerciële vermageringsprogramma’s zoals Weight Watchers (gebaseerd op groepssessies en gericht op gedragsverandering inzake hypocalorisch evenwichtig dieet, lichaamsbeweging en motivatie) effectief zijn.

Het blijft echter onduidelijk wat hun plaats is ten opzichte van een even intensief niet-commercieel programma vanuit de eerste lijn, een intensieve begeleiding door de huisarts (4) of een intensieve begeleiding door een diëtist.

 

 

Referenties

  1. Van Royen P. 'Weight Watchers' versus zelfhulp. Minerva 2004;3(7):104-6.
  2. Heshka S, Anderson JW, Atkinson RL, et al. Weight loss with self-help compared with a structured commercial program. A randomised trial. JAMA 2003;289:1792-8.
  3. Jolly K, Lewis A, Beach J, et al. Comparison of range of commercial or primary care led weight reduction programmes with minimal intervention control for weight loss in obesity: Lighten Up randomised controlled trial. BMJ 2011;343:d6500.
  4. Van Royen P, Bastiaens H, D’Hondt A, et al. Aanbeveling voor goede medische praktijkvoering. Overgewicht en obesitas bij volwassenen in de huisartsenpraktijk. Huisarts Nu 2006;35:118-40.
  5. Truby H. What makes a weightloss programme succesfull? [Editorial] BMJ 2011;343:d6629.
Commerciële vermageringsprogramma’s

Auteurs

Koeck P.
huisarts Antwerpen, medewerker Commissie Richtlijnen Domus Medica
COI :

Woordenlijst



Commentaar

Commentaar