Bondige bespreking


Bariatrische heelkunde en cardiovasculaire incidenten op lange termijn


  • 0
  • 0
  • 0
  • 0



28 11 2012

Duiding van
1. Sjöström L, Peltonen M, Jacobson P, et al. Bariatric surgery and long-term cardiovascular events. JAMA 2012;307:56-65. 2. Schauer PR, Kashyap SR, Wolski K, et al. Bariatric surgery versus intensive medical therapy in obese patients with diabetes. N Engl J Med 2012;366:1567-76. 3. Mingrone G, Panunzi S, De Gaetano A, et al. Bariatric surgery versus conventional medical therapy for type 2 diabetes. N Engl J Med 2012;366:1577-85.


Besluit
Deze studies bevestigen de eerdere gegevens dat bariatrische heelkunde bij obese personen effectief is om cardiovasculaire verwikkelingen te voorkomen en diabetes te remediëren, maar dat deze interventie gepaard gaat met soms ernstige en/of vervelende ongewenste effecten. Medische opvolging met behandeling van deficiënties blijft dus noodzakelijk.



 

 

Uit eerdere Minervabesprekingen over de effectiviteit van bariatrische heelkunde bleek dat deze ingrepen bij obese personen ook na een langere follow-up (tot 10 jaar) een gunstig effect hebben op gewichtsreductie, co-morbiditeit (vooral diabetes) en totale mortaliteit (1-8).

 

De Zweedse onderzoekers Sjöström et al. rapporteerden recent de resultaten over de secundaire uitkomsten myocardinfarct en CVA van een eerder besproken niet-gerandomiseerde studie (n=2 047, gemiddelde follow-up tijd van 14,7 jaar) (9). Bariatrische heelkunde verminderde de cardiovasculaire sterfte (HR 0,47; 95% BI 0,29 -0, 76). Ook het aantal deelnemers met een eerste cardiovasculaire gebeurtenis (myocardinfarct of CVA) was lager in de geopereerde groep (HR 0,67; 95% BI van 0,54 -0, 83). Bij 13% van de geopereerden deden zich echter postoperatieve complicaties voor.

Schauer et al. evalueerden in een nieuwe, niet-geblindeerde maar gerandomiseerde studie bij 150 obese patiënten met ongecontroleerde type 2-diabetes (66% vrouwen, gemiddelde leeftijd 49 jaar) het effect van bariatrische heelkunde versus medicatie (10). Na 12 maanden follow-up daalde de gemiddelde HbA1c significant meer bij de deelnemers die een bariatrische ingreep hadden ondergaan (van 9,3±1,4% naar 6,4±0,9% in de Roux-en-Y bypass-groep en van 9,5±1,7% naar 6,6±1,0% in de maagverkleiningsgroep; respectievelijk 42% en 37% deelnemers met een HbA1c<6%) dan bij de deelnemers in de medicatiegroep (van 8,9±1,4% naar 7,5±1,8%; 12% deelnemers met een HbA1c<6%). Deze winst ging gepaard met de inname van minder medicatie en met meer gewichtsverlies. Een langere follow-up is natuurlijk aangewezen om de duurzaamheid van deze resultaten aan te tonen, alhoewel de Zweedse studie reeds een duurzaam effect kon aantonen na een follow-up van 10 jaar (4). Op het vlak van ongewenste effecten stelden Schauer et al. vast dat 22% van de deelnemers in de bypassgroep complicaties had die een hospitalisatie vereisten versus 8% in de maagverkleiningsgroep en 9% in de conventioneel behandelde groep.

In 2012 verscheen een vergelijkbare studie bij 60 obese patiënten (gemiddelde BMI >35, gemiddelde leeftijd 43 jaar, ongeveer 50% mannen) met diabetes sinds meer dan 5 jaar (11). Na 2 jaar follow-up had 75% van de deelnemers in de Roux-en-Y bypass groep en 95% in de biliopancreatische afleidingsgroep remissie van hun diabetes (= <100 mg% nuchtere glykemie + <6,5% HbA1c + geen antidiabetica) versus 0% in de conventioneel behandelde groep. De biliopancreatische afleidingsingreep ging wel gepaard met meer verwikkelingen zoals albumine- en ijzerdeficiëntie, osteopenie en osteoporose ondanks de preventieve supplementen met multivitaminen en mineralen. Er deden zich ook enkele postoperatieve complicaties voor.

 

Besluit

Deze studies bevestigen de eerdere gegevens dat bariatrische heelkunde bij obese personen effectief is om cardiovasculaire verwikkelingen te voorkomen en diabetes te remediëren, maar dat deze interventie gepaard gaat met soms ernstige en/of vervelende ongewenste effecten. Medische opvolging met behandeling van deficiënties blijft dus noodzakelijk.

 

Referenties

  1. Michiels B. Mortaliteit 7 tot 10 jaar na bariatrische chirurgie. Minerva 2008;7(3):48.
  2. Sjöström L, Narbro K, Sjöström CD, et al; Swedish Obese Subjects Study. Effects of bariatric surgery on mortality in Swedish obese subjects. N Engl J Med 2007;357:741-52.
  3. Adams TD, Gress RE, Smith SC, et al. Long-term mortality after gastric bypass surgery. N Engl J Med 2007;357:753-61.
  4. Michiels B. Bariatrische heelkunde: tien jaar opvolging. Minerva 2005;4(9):140-2.
  5. Sjöström L, Lindroos A, Peltonen M, et al. Lifestyle, diabetes and cardiovascular risk factors 10 years after bariatric surgery. N Engl J Med 2004;351:2683-93.
  6. Michiels B, Vermeire E, Peeters M. Heelkunde bij obesitas. Minerva 2004;3(6):91-4.
  7. Zinzindohoue F, Chevallier J-M, Douard R, et al. Laparoscopic gastric banding: a minimally invasive surgical treatment for morbid obesity. Prospective study of 500 consecutive patients. Ann Surg 2003;237:1-9.
  8. Ceelen W, Walder J, Cardon A, et al. Surgical treatment of severe obesity with a low-pressure adjustable gastric band. Experimental data and clinical results in 625 patients. Ann Surg 2003;237:10-6.
  9. Sjöström L, Peltonen M, Jacobson P, et al. Bariatric surgery and long-term cardiovascular events. JAMA 2012;307:56-65.
  10. Schauer PR, Kashyap SR, Wolski K, et al. Bariatric surgery versus intensive medical therapy in obese patients with diabetes. N Engl J Med 2012;366:1567-76.
  11. Mingrone G, Panunzi S, De Gaetano A, et al. Bariatric surgery versus conventional medical therapy for type 2 diabetes. N Engl J Med 2012;366:1577-85.
Bariatrische heelkunde en cardiovasculaire incidenten op lange termijn

Auteurs

Michiels B.
Vakgroep Eerstelijns- en Interdisciplinaire Zorg, Centrum voor Huisartsgeneeskunde, Universiteit Antwerpen

Woordenlijst



Commentaar

Commentaar