Tijdschrift voor Evidence-Based Medicine



Veroorzaken sulfamiden hypoglycemie bij bejaarde diabeten?


  • 0
  • 0
  • 0
  • 0



Minerva 1998 Volume 27 Nummer 1 Pagina 178 - 179


Duiding van
Burge MR, Smitz-Fiorentino K, Fishette C, Qualls R, Schade DS. A prospective trial of risk factors for sulfonylurea-induced hypoglycemia in type 2 diabetes mellitus. Jama 1998;279:137-43.


Klinische vraag
Hoe frequent komt hypoglycemie voor bij type 2 diabetespatiënten tijdens een behandeling met een maximale dosis van een langwerkend sulfamide (= sulfonylureum-derivaat) tijdens een korte periode van vasten? Welke factoren bevorderen of verminderen de kans op hypoglycaemie?


Besluit
Uit de resultaten van de besproken prospectieve studie volgt dat in de praktijk langwerkende sulfamiden bij gezonde bejaarden met type 2 diabetes kunnen worden gebruikt zonder belangrijk risico op hypoglycemie, op voorwaarde dat hun glycemiecontrole suboptimaal is.


 
 

Samenvatting

 
 
Achtergrond
Eerder uitgevoerde retrospectieve studies suggereren dat langwerkende sulfamiden hypoglycemie kunnen veroorzaken (bij ongeveer 20% van de patiënten) en dit voornamelijk bij bejaarden. Een beperking van de calorieëninname zou de kans op hypoglycemie sterk verhogen. In de literatuur zijn er echter nauwelijks resultaten te vinden van prospectieve en gecontroleerde studies die deze stelling onderbouwen. Daarenboven is er nog zeer weinig bekend over de factoren die bij diabetes type 2 het optreden van hypoglycemie beïnvloeden.
 

Bestudeerde populatie

Achtenvijftig ambulante type 2 diabetespatiënten tussen 55 en 75 jaar werden in de studie opgenomen. Patiënten met ernstige cardiovasculaire, gastrointestinale, nier- of leverziekten en maligniteit werden uitgesloten. Gebruik van medicatie die kan interfereren met het glucosemetabolisme, was eveneens een uitsluitingscriterium.

De patiënten werden gerecruteerd via lokale advertenties en via de databank van de dienst endocrinologie van een universitair ziekenhuis.

 

Onderzoeksopzet

In deze dubbelblinde, placebo-gecontroleerde studie werden de patiënten aselect verdeeld in twee groepen. In elk van beide groepen werd een verschillend langwerkend sulfamide van de tweede generatie gebruikt: glyburide en glipizide. Beide groepen kregen gedurende de eerste week placebo toegediend, in de tweede week ’s morgens 10 mg en in de derde week 20 mg. Op het einde van elke week werden de patiënten opgenomen in een onderzoekseenheid waarbij zij gedurende 23 uur niet te eten kregen.

 

Uitkomstmeting

Tijdens de opname werden regelmatig de bloedspiegels van glucose, insuline, C-peptide, glucagon, catecholamines en sulfamiden bepaald. Op verschillende tijdstippen werd aan de deelnemers gevraagd een vragenlijst over hypoglycemiesymptomen in te vullen. Hypoglycemie werd gedefinieerd als een plasma-glucosegehalte van minder dan 60 mg/100 ml (3,33 mmol/l) met typische hypoglycemiesymptomen of elke asymptomatische glycemie van minder dan 50 ml/100ml (2,78 mmol/l).

 

Resultaten

In deze studie werd geen hypoglycemie vastgesteld. De plasma glucosewaarden evolueerden tijdens het vasten op analoge wijze in de drie studieweken. De glucosewaarden waren lager bij behandeling met sulfamiden in vergelijking met placebo (en lager met 20 mg dan met 10 mg). Er waren geen verschillen tussen de twee sulfamidengroepen onderling. De 47 vragen tellende hypoglycemiesymptomen vragenlijst liet zeer lage scores zien in alle groepen, behalve voor het item "hongergevoel". Bejaarde diabeten die sulfamiden gebruiken, lijken tijdens een korte periode van vasten beschermd te worden tegen hypoglycemie door een toename van de adrenalinesecretie vanaf glucosespiegels tussen 41 en 68 mg/100 ml (2,27-3,77 mmol/l).

Het mechanisme van de zeldzame levensbedreigende hypoglycemie bij type 2 diabeten blijft onbekend. Belangrijke factoren hierbij lijken toch te zijn: overdosering van de medicatie, alcoholgebruik, sterke lichamelijke inspanningen en onderliggend nier- en leverlijden.

 
 

Bespreking

 

De resultaten van deze studie zijn slechts gedeeltelijk veralgemeenbaar. De onderzochte personen waren gezonde diabeten en een groot deel onder hen had op het ogenblik van de aanvang van de studie een suboptimale glycemiecontrole. De resultaten zijn dus misschien niet van toepassing op diabeten met een optimale glycemiecontrole. Slechts één van de in de studie opgenomen sulfamiden is in België op de markt, te weten glipizide (Glibenese®, Minidiab®). De geneesmiddelen in de studie werden verstrekt onder een vorm die hier niet bestaat, namelijk "gits"(gastrointestinal therapeutic system) waarbij het geneesmiddel over een periode van 24 uur continu wordt vrijgegeven uit de tablet.

De conclusie van de auteurs is dat hoge leeftijd geen contra-indicatie is voor de behandeling met een sulfamidepreparaat en dat vasten hierbij goed wordt verdragen. De tweede generatie orale sulfamiden blijken dus veiliger voor de behandeling van diabetes bij gezonde bejaarden dan tot nu toe werd aangenomen.

De "Clinical Practice Recommendation" van de American Diabetes Association en de "Consensustekst Diabetes Vlaanderen" bevelen aan om langwerkende sulfamiden bij bejaarden te vermijden, omdat ze hypoglycemie kunnen uitlokken. Deze hypoglycemieën verlopen vaak langdurig en kennen een aanzienlijke morbiditeit en mortaliteit 1,2. Vooral chloorpropamide en glibenclamide zouden hiervoor verantwoordelijk zijn 2. Deze twee farmaca waren niet opgenomen in de besproken studie. Maar de waarschuwing voor hypoglycemie bij behandeling met langwerkende sulfamiden is slechts gebaseerd op retrospectief onderzoek 3-5 en daarom ook onvoldoende onderbouwd.

De Folia Pharmacotherapeutica waarschuwen voor een toenemend gevaar van optreden van hypoglycemie vooral bij nier- en leverinsufficiëntie en als gevolg van medicamenteuze interacties 6. Dit wordt ook door de onderzoekers duidelijk aangegeven.

 

 
 

Aanbeveling voor de praktijk

 

Uit de resultaten van de besproken prospectieve studie volgt dat in de praktijk langwerkende sulfamiden bij gezonde bejaarden met type 2 diabetes kunnen worden gebruikt zonder belangrijk risico op hypo-glycemie, op voorwaarde dat hun glycemiecontrole suboptimaal is 7.

De redactie

 

Literatuur

  1. American Diabetes Association. Clinical practice recommendation. Diabetes Care 1997;20 (suppl 1):S59.
  2. Diabetes Project Vlaanderen. Een interdisciplinaire consensus over het beleid van niet-insu-linedependente diabetes mellitus in Vlaanderen. Berchem: VDV, VHI, WVVH 1997:17-8.
  3. Seltzer HS. Drug-induced hypogycemia: a review of 1418 cases. Endocrinol Metab Clin 1989;18:163-83.
  4. Gerich JE. Oral hypoglycemic agents. N Engl J Med 1989;321:1231-41.
  5. Groop LC. Sulfonylureas in niddm. Diabetes Care 1992;15:737-54.
  6. Medicamenteuze behandeling van type 2 diabetes. Folia Pharmacotherapeutica 1998;25:29-31.
  7. Stehouwer MHA. Referaat inwendige geneeskunde. Ned Tijdschr Geneeskd 1998;142:1344.
Veroorzaken sulfamiden hypoglycemie bij bejaarde diabeten?

Auteurs

Vermeire E.
Vakgroep eerstelijns- en interdisciplinaire zorg, Centrum voor Huisartsgeneeskunde, Universiteit Antwerpen



Commentaar

Commentaar