Resultaat op trefwoord : 'hospitalisatieduur'


Aantal resultaten : 2 artikel(s) - 3 bondige bespreking(en) - 0 Synthese(s)


Deze RCT van goede methodologische kwaliteit toont aan dat een observationele behandeling niet inferieur is aan een antibioticumbehandeling bij patiënten met primaire, acute, ongecompliceerde, linkszijdige diverticulitis.

De belangrijkste beperking van deze meta-analyse is de spreiding van de studies in de tijd. De resultaten tonen het met de tijd toenemende nut aan van antibiotica versus vroegtijdige appendectomie bij patiënten met acute, ongecompliceerde appendicitis. De antibioticumbehandeling leidt vooral tot minder complicaties, maar niet tot een kortere hospitalisatieduur. De incidentie van gecompliceerde appendicitis is niet hoger bij patiënten die een appendectomie ondergaan na therapiefalen met antibiotica dan bij patiënten die onmiddellijk een appendectomie ondergaan.

Vroegtijdige versus laattijdige start van palliatieve zorg bij kankerpatiënten?

Pype P.

Minerva 2016 Vol 15 nummer 8 pagina 199 - 202


Deze gerandomiseerde gecontroleerde studie toont aan dat het vroegtijdig integreren van palliatieve zorg in standaard oncologische zorg geen voordeel biedt ten opzichte van het laattijdig integreren wat betreft symptoomlast en het gebruik van ziekenhuisdiensten.

Acute cholecystitis: onmiddellijke of uitgestelde laparoscopische cholecystectomie?

Lerut J.

Minerva 2014 Vol 13 nummer 9 pagina 110 - 111


Deze methodologisch correcte studie toont aan dat bij volwassenen met een acute, ongecompliceerde cholecystitis en zonder majeure co-morbiditeit (ASA I en II), een vroegtijdige laparoscopische interventie (binnen de 24 uur na hospitalisatie) medisch en economisch verantwoord is. Deze resultaten bevestigen wat al eerder was vastgesteld. De interventie uitstellen verhoogt het risico van complicaties en de kosten.

Deze RCT van goede methodologische kwaliteit toont aan dat bij deze populatie ‘on demand’ inhalatie van een zoutoplossing gunstiger is dan inhalatie op vaste tijdstippen. Daarnaast is er in deze RCT geen verschil tussen inhalatie van een zoutoplossing en inhalatie van 20 mg/ml racemisch adrenaline (dosis in functie van het gewicht).